MENU
Nieuws plaatsen

Nieuwstip: redactie@gaellemuun.nl |  WeTransfer |       


Maandag 14 oktober 2019 Algemeen:


Gaellemuun en de Gaellemunigers

Marinus Burgmeijer; de wereld door de ogen van een kunstschilder

Genemuiden - Zelf ben ik behoorlijk ‘kunst minded’, ik bezoek af en toe exposities, ga heel graag naar hèt kunstenaarsdorp van Nederland Ootmarsum, soms breng ik een bezoek aan het Rijksmuseum of het Van Gogh museum en als ik in het buitenland ben staat er ook altijd wel een museumbezoek op het programma.

Maar alles wat van ver komt is niet per definitie lekker en daarom hebben wij thuis zelfs twee “Burgmeijers” aan de muur hangen. Niet zijn ‘standaard’ stijl, het zijn abstracte schilderijen van Genemuiden met heel veel kleur. Telkens als ik er naar kijk word ik vrolijk!

En voor mijn broer, die in Amerika woont, hebben we een schilderij van de ‘Nachtweg’ gekocht, dat hij straks in z’n nieuwe huis kan ophangen. Ik hoop dat het een mooi plekje krijgt en hij bij het zien van het schilderij zich weer even terug waant in zijn  jeugd.

Marinus is erg bescheiden, maar heeft toch ook wel dat flamboyante van een kunstenaar over zich en volgens mij heeft hij zelf geen idee hoe mooi hij kan schilderen. Hij zegt zelf een beetje introvert te zijn, niet echt een mensenmens, maar ik heb daar helemaal niks van gemerkt, want wat kan hij boeiend vertellen over zijn werk als kunstschilder. Van het opdoen van inspiratie, het bedenken van de compositie, de kleuren tot aan de lichtinval, over alles wordt nagedacht en het is prachtig om te horen hoe een schilderij nu eigenlijk het levenslicht ziet.

Lees mee en neem een kijkje in de wereld van een kunstenaar.

Hoe ziet een gemiddelde werkdag er uit?

Dat is echt heel verschillend, het ligt voornamelijk aan  het feit of je voldoende inspiratie hebt, je bent  ook niet iedere dag  altijd even fit, maar dat geldt natuurlijk voor alles. Als ik begin aan een nieuw schilderij of verdere ga met een schilderij, dan ga ik eerst met de voorbereidingen bezig o.a. het kiezen van het materiaal dat ik nodig heb.

Als ik een schilderij opzet begin ik meestal met het maken van studies , ik maak foto’s, ik zie dingen op tv die me inspireren of ik maak iets mee waar ik iets mee kan. Dan maak ik allerlei schetsen en een bepaalde  compositie zoals het voor mijn gevoel opgezet moet worden, ik ga de kleuren bepalen, zoek al het materiaal bij elkaar dat ik nodig heb en ga dan aan de slag.

Hoeveel uur schilder je per dag?

Ook dat verschilt per dag. In de galerie schilder ik op vrijdag en zaterdag en thuis schilder ik toch vaak wel een paar uur of een halve dag. Toen ik het huis heb laten bouwen heb ik er speciaal een stuk aan laten bouwen  waar ik de ruimte heb om te schilderen. Het atelier waar we nu zijn is het oude huis van mijn moeder.

Waar en hoe doe je inspiratie op?

Al van kinds af aan trok de natuur mij heel erg. Als ik de natuur in ging en ik beleefde iets  dan wilde ik dat aan iemand vertellen.  Maar ik had al wel snel in de gaten, dat mensen wel luisterden naar wat ik te zeggen had, maar ze snapten het niet en ook het gevoel kwam  niet over.

Ik probeerde dus niet alleen het verhaal dat ik beleefd had te vertellen, maar het ook in beeld vast te leggen en mijn gevoel er in te leggen. Als kind kon ik al aardig tekenen en ik kon me op die manier goed uiten en ik vond het ook nog eens prachtig om te doen. Dus ja, ik doe heel veel inspiratie op in de natuur.

Maar ook elders, ik zag bijvoorbeeld het bevrijdingsfestival op tv, waar de harpiste Lavina Meijer optrad. Het optreden was zeer kleurrijk en al die lampen gaven een prachtig effect, dus ik dacht gelijk:  ‘Daar wil ik een schilderij van maken’.  Ik heb een foto gemaakt van het tv scherm en ben daarmee aan de slag gegaan. Het moeilijkste aan het schilderij was nog om de snaren van de harp goed te krijgen.

Op het moment hangt er een schilderij van mij in Zwolle, bij café Foyé tegenover museum De Fundatie. Het is een schilderij van Zwolle  van bovenaf gezien. ’s Ochtends loop ik altijd een uurtje om toch een beetje fit te blijven en op een gegeven moment liep ik op de dijk en hoorde een suizend geluid achter mij. Het bleek een slechtvalk te zijn, die achter een prooi aan zat. Slechtvalken jagen namelijk hoog in de lucht op bijvoorbeeld duiven, kraaien of spreeuwen. In dit geval zat de slechtvalk achter een spreeuw aan, maar deze vloog te laag om hem te pakken. 

Ook hier kreeg ik gelijk weer inspiratie, maar om nu gewoon een slechtvalk te gaan schilderen, die een spreeuw pakte vond ik een beetje banaal. Ik heb er lang over nagedacht wat ik er van zou maken, totdat ik op het idee kwam om de valk boven een stad te schilderen. Ik wilde een grotere stad, bijvoorbeeld Amsterdam of Rotterdam. Ik liep er maar mee in m’n hoofd en op een gegeven moment wilde mijn vrouw Betty even naar Zwolle om te winkelen. Het kwartje viel meteen en ik heb gelijk naar de Peperbus gebeld om te vragen of ik de toren kon beklimmen en dat kon,de Peperbus is iedere dag open vanaf 13.30 uur. Boven gekomen zag ik het gelijk helemaal voor me, de Grote Markt, de St. Michaelskerk, het hele plaatje vormde zich in mijn hoofd.  Je gaat dan wat foto’s maken en bedenkt een bepaalde compositie, welk stukje in welke hoek, wat geeft een mooie diepte enz. Daar ben je dan wel even mee bezig, maar het is prachtig om te doen.

Hoe lang duurt het ongeveer vanaf het begin van een schilderij tot dat het af is?

Eerst moet ik het in m’n hoofd hebben en dan begin ik te schetsen. Daar ben ik al ruim een week mee bezig, al die figuurtjes, de daken, de huisjes. Met het schilderij zelf ben  ik dan zeker zo’n 3 maanden bezig.

Je schildert veel  natuur, maar je kleurt letterlijk en figuurlijk ook wel eens buiten de lijntjes.

Ja, dat klopt, ik denk dat het gekomen is omdat ik een keer bij Ton Schulten in Ootmarsum ben geweest, hij schildert ook allemaal vakken en heel veel kleur. Zo zie je maar weer dat je ook door een andere schilder of schilderijen geïnspireerd kunt worden.

Bijvoorbeeld  het schilderij van John Lennon dat je hier ziet. Ik was naar een expositie van Carel Willink in de Achterhoek geweest en daar zag ik een schilderij met zebra’s in een rotslandschap. Het was wel heel realistisch geschilderd, maar het paste totaal niet bij elkaar. Zebra’s komen nu eenmaal niet voor in een rotslandschap. Maar ook daar deed ik gelijk weer inspiratie op, ik vond het zo ongewoon en wilde ook iets dergelijks gaan maken. Op een gegeven moment had ik  Griekse zuilen geschilderd en wilde daar ook iets aparts in schilderen, iets wat er eigenlijk niet bij hoorde, maar ik had nog niet echt een idee wat dat zou moeten worden.

Jaren geleden ben ik eens een keer in Peru  geweest en de toenmalige president was fan van John Lennon en had een standbeeld van hem laten plaatsen. Een vriend van me, die mee was heeft een foto van mij gemaakt naast het beeld en die foto vond ik laatst terug, toen ik op een zondagmiddag oude vakantiefoto’s aan het bekijken was. Ik zag dus die foto en zag ook gelijk het beeld van John Lennon tussen de Griekse zuilen op mijn schilderij. Ja en zo is dit schilderij dus uiteindelijk ontstaan.

Ook de compositie van het schilderij van de condors boven Colca Canyon heb ik zelf bedacht. Het landschap heb ik gefotografeerd, de condors ook, maar die waren op dat moment niet boven de Colca Canyon en zoals het nu op het doek staat heb ik  zelf bedacht.

Schilder je ook in opdracht?

Ja, en dat vind ik eigenlijk één van de mooiste dingen, want dan kun je er iets persoonlijks van maken. Ik heb destijds een schilderij gemaakt voor dokter Bolhuis. Toen hij weg ging uit Genemuiden wilden zijn collega’s een schilderij voor hem laten maken. Dokter Bolhuis maakte vroeger  z’n zalfjes nog zelf en ik kreeg  van die ouderwetse zalfmesjes, wat potten, een oude dokterstas en nog wat spullen en heb daar een compositie van gemaakt. Ik heb die dingen uitgestald, een goede belichting gebruikt en ben aan het schetsen gegaan. Het is een prachtig schilderij geworden, heel persoonlijk en hij was er ontzettend blij mee. Dat is geweldig om te doen!

Kun je met schilderen in je levensonderhoud voorzien?

Nee, niet echt, ik heb altijd een baan gehad en daarnaast tekende en schilderde ik als hobby.

Wanneer kwam je erachter dat je veel talent voor tekenen had?

Zoals al eerder gezegd, als kind kon ik al goed tekenen, maar mijn ouders vonden vroeger wel dat ik een vak moest leren. Mijn vader  werkte bij Breman en ik had eigenlijk niet zo veel zin om te gaan studeren en via mijn vader kwam ik ook bij Breman terecht, tja zo ging dat toen.

Achteraf heeft het  voor- en nadelen gehad. Het nadeel vind ik eigenlijk dat ik voor mijn gevoel nog niet ver genoeg ben gekomen. Ik hoefde niet perse  een beroemd kunstenaar te worden, maar ik had wel graag  de techniek beter willen ontwikkelen en daar heb ik denk ik te weinig tijd voor gehad .

Het voordeel is dat ik niet alleen maar bezig was met schilderen omdat ik gewoon een baan had. Als ik van het schilderen  mijn beroep  had gemaakt en er mijn levensonderhoud mee had moeten verdienen, dan kon ik er  waarschijnlijk niet van rondkomen , kunstenaars kunnen meestal nooit zo geweldig rondkomen. Ik ben natuurlijk ook getrouwd en als ik dan bijvoorbeeld een paar slechte maanden had gehad, dan zou mijn vrouw toch wel aan de bel hebben getrokken denk ik.

Als je iets moet doen om de kost te verdienen, dan ga je kijken wat  verkoopt goed en ga je toch in een bepaalde richting schilderen. Zoals je ziet is dat nu niet het geval, alles wat hier hangt is toch heel verschillend. Dat is ook het mooie van een bepaalde inspiratie, je gaat op dat moment iets schilderen omdat je het mooi vind, omdat je er vol van zit, maar niet omdat het goed verkoopt.

Op het moment heb ik twee opdrachten, één daarvan is voor een jager.  Hij had zelf wel wat foto’s, maar die vond ik niet zo goed en daarom ga ik zelf nog foto’s maken. Ik ga een keer met hem mee, de hond gaat mee en ik schiet wat foto’s. Daarna ga ik er een compositie van maken en als hij dat dan als opdrachtgever ook mooi vindt, dan sta je er allebei achter. En dan kan het alleen maar iets heel moois worden.

Heb je ooit teken- of schilderles gehad?

Nee, ik heb mezelf alles bijgebracht, zoals het spreek woord al zegt; oefening baart kunst. Gewoon door heel veel te schilderen en goed op te letten leer je van zelf .

Wat was je eerste echte schilderij, heb je dat verkocht of heb je dat nog?

Ha ha, dat was een kinderkopje met een traantje. Soortgelijke schilderijen hingen vroeger overal in het trapgat. Volgens mij heb ik het nog ergens op de zolder staan.

Heb je een voorbeeldschilder?

Dat is ook verschillend, in de tijd vond ik Rien Poortvliet wel heel goed, maar ook  Henk Slijper, hij schilderde met name vogels. Hij woonde in Eemdijk en ik ben wel eens bij hem thuis geweest.

Ik heb trouwens ook jarenlang in Enschede geëxposeerd bij ‘The Wildelife Art’ expositie. Dat was een hele eer, want ik mocht daar als niet beroepskunstenaar exposeren, terwijl er voor de rest alleen  maar werken van beroepskunstenaars uit binnen- en buitenland hingen.  Daar hingen natuurlijk voorbeelden genoeg, van grote tot kleine schilderijen, van een winterkoninkje tot een olifant. Maar er is eigenlijk niet een schilder waarvan ik zeg: ‘Dat is nou m’n voorbeeld’. Als je naar een expositie bent geweest, bijvoorbeeld van Carel Willink, dan ben je daar zo vol van en is dat op dat moment even je voorbeeld.

Met wie zou je eens een dag willen ruilen?

Oh, dat vind ik een moeilijke vraag, daar moet ik even goed over nadenken.  Oh ja, er is een Nederlandse schilder, die in Brugge woont, Evert Thielen heet hij, hij schildert heel realistisch en met hem zou ik wel  een dagje willen ruilen.

Je bent geboren en ook getogen in Genemuiden?

Klopt, ik ben geboren in 1953 en getogen in Genemuiden, maar mijn vader was trouwens geen Gaellemuniger.

Vertel eens iets over je jeugd.

Ik heb een mooie en onbezorgde  jeugd gehad. Ik heb drie broers en ik ben  de oudste. Twee broers  wonen in Genemuiden en de derde in Amsterdam.  Ik ben in de Almerassensteeg geboren. Het was destijds een armoedige wijk en als je bijvoorbeeld de verhalen van Henk Beens leest hoe het er daar vroeger aan  toeging kun je je dat niet zo goed meer voorstellen. Ik ben dus in de na-oorlogse tijd opgegroeid, bij ons thuis moesten ze sparen voor bijvoorbeeld een nieuwe kast of een bank en als het dan zover was, dan moest de hele familie langskomen om het nieuwe meubelstuk te bewonderen. Maar ik heb ook de stijgende lijn van de economische welvaart meegemaakt.

Later verhuisden we naar de Nachtweg,  je woonde tussen de boeren en achter de bermsloot was niks, alleen weiland. Als jongentjes waren we alleen maar in de natuur, je ging vissen in de bermsloot, kikkervisjes vangen, kievitseieren zoeken,  nesten uithalen en je speelde rovertje in de hooibergen. Daar waren de boeren niet altijd even blij mee, maar dat deden we natuurlijk toch.  Vaak kwamen de boeren achter je aan en dat was natuurlijk nog leuk ook.

Ik kan me herinneren dat ze een keer achter mij aan zaten. Ik rende achter een hooiberg langs en daarachter had je een grasveld waar lakens lagen te drogen, de ‘blieke’ heette dat. Ik rende zo over die schone lakens heen toen er van de andere kant een vrouw uit een steegje kwam en mij opving. Ik kreeg een behoorlijke draai om m’n oren. Dat zijn toch leuke herinneringen!

Wat was je voor kind?

Ik was een onderzoekend kind. Ik wilde altijd weten hoe alles zat. Dat heb ik nu nog, ook op vakantie kan ik bijvoorbeeld niet op het strand liggen, ik ben geen rustig iemand. Ook in het buitenland wil ik alles zien en alles weten over de plek waar ik ben. Dat gaat van planten tot gebouwen, ik wil alles gewoon weten, zo ben ik altijd geweest ook als kind dus al.

Welke scholen heb je bezocht?

Eerst natuurlijk de lagere school en daarna ben ik naar de LTS gegaan, want ik moest toch iets leren. Ik ben machine bankwerker geworden en bij Breman terecht gekomen. Ik moest daar iedere dag hetzelfde werk doen en  op een gegeven moment kwamen de muren op me af. Op een dag waren er mensen van Van der Sluis Verwarming bij ons  aan het werk en ik moest die mannen helpen. Ik werd gevraagd of ik niet bij hen wilde komen werken en zo kwam ik in de particuliere verwarmingssector terecht. Maar uiteindelijk ben ik toch weer bij Breman terug gekomen in de functie  van projectleider.

Ben je getrouwd, heb je kinderen, kleinkinderen?

Ik ben getrouwd met Betty en we hebben drie kinderen, twee dochters en een zoon.  De dochters wonen in Genemuiden en de zoon woont in Groningen. We hebben inmiddels acht kleinkinderen, waarvan één kleindochter altijd met tekenen bezig is en het ook echt leuk vind. Misschien slaat het een generatie over.

Doe je aan sport?

Nee, niet echt. Als ik ‘s morgens uit bed kom doe ik wat oefeningen om een beetje lenig te blijven, je wordt tenslotte wel ouder. Daarna eet ik een bordje Brinta en ga een uurtje lopen. Dat doe ik echt iedere morgen.

Ik heb natuurlijk wel de Camino gelopen, dat is ook een sport hoor. Ik zou het zo weer doen! Mijn vrouw en ik hadden het idee om een camino in Portugal te lopen dit voorjaar, dat zou iets van drie weken duren. Maar onze schoondochter in Groningen heeft gezondheidsproblemen en dat is nogal zorgelijk. Mijn vrouw wil op dit moment dus niet zo lang weg.

Heb je nog andere hobby’s ?

Ik lees ook wel heel graag en ga natuurlijk graag de natuur in. Ik zing ook bij het mannenkoor Stereo, maar  verder heb ik geen specifieke hobby ‘s. Door te schilderen en te tekenen kan ik mij genoeg ontspannen.

Geef je ook schilderles?

Ja, dat doe ik al zo’n 15 jaar. Twee mensen  zitten er al vanaf het begin bij en er is zelfs een wachtlijst van  een man of zeven. Die wachtlijst blijft de laatste 4 jaar wel hetzelfde, want er gaan geen mensen weg.

Toen ik nog werkte gaf ik één avond in de week les.  Na m’n prepensioen,  4,5 jaar geleden, heb ik er een vaste middag bij  gedaan. Ik zou nog veel meer les kunnen geven, maar dan blijf je aan de gang en is het einde zoek.

Schilderen met kinderen lijkt me ook heel leuk en ik ben wel eens daarvoor benaderd. Maar dan moet je daar ook weer extra tijd voor vrijmaken en dat wil ik eigenlijk niet. Onlangs ben ik gevraagd door Klasien Hoekman of ik iets met Monumentendag wilde doen. Dit was eigenlijk een eenmalige kans om iets met kinderen te doen.

Ik had een workshop ’papegaai schilderen’ bedacht. Er hadden zich 20 kinderen aangemeld, die ik in twee groepen had verdeeld. De kinderen moesten ieder een papegaai schilderen en die hebben we naderhand op een groot, met junglebehang bekleed, paneel geplakt. Het eindresultaat was echt prachtig en heel kleurrijk en het heeft een tijdje in de hal van ’t Olde Staduus gestaan.

Krijg je veel aanloop in de galerie?

Het is vrij rustig, het is natuurlijk geen bakkerij waar veel mensen naar binnen gaan om broodjes te kopen. Vaak krijg ik de indruk dat mensen een beetje bang zijn om binnen te lopen en eenmaal binnen lijken ze zich een beetje ongemakkelijk te voelen. Misschien omdat ze zich dan verplicht voelen om iets te kopen. Maar niemand hoeft iets te kopen, ik vind het leuk als ik bezoek krijg en mensen mijn werk mooi vinden.

Ik geef eigenlijk geen ruchtbaarheid aan m’n schilderskunsten of de galerie, ik ben niet heel erg commercieel. Ik schilder gewoon heel graag en ben niet echt bezig met het verkopen van m’n werk.

Net als exposities bezoeken, dat doe ik voor mijn gevoel nog te weinig. Als ik naar een expositie of een museum ga, dan zit ik er ook echt met m’n neus bovenop, dan ga ik echt kijken welke verf er is gebruikt, welke technieken, wat zit er onder, hoeveel lagen enz.

Zelf maak ik ook regelmatig gebruik van de glaceertechniek. Dit is het aanbrengen van een transparant laagje verf over een dekkende verflaag. Ik zal een voorbeeld noemen; als je een sinaasappel schildert, kun je gewoon wat rood en geel door elkaar mengen en dan krijg je een oranje sinaasappel. Maar je kunt ook eerst een gele sinaasappel schilderen en er dan met transparant rood  over heen schilderen, je krijgt dan veel meer diepte.

Gebruik je altijd olieverf of ook wel acryl?

Ik gebruik zelden acryl, eigenlijk alleen maar als iets snel moet drogen. Bijvoorbeeld voor het papegaaien schilderen heb ik acryl gebruikt.

Ook gebruik ik wel gouache verf, dat is een verf op waterbasis, maar toch totaal anders dan aquarel verf. Het nadeel van deze verf is dat het achter glas moet, want als er bijvoorbeeld een vliegenpoepje op komt, dan kun je dat niet meer schoonmaken en krijg je een vlek. Maar een schilderij achter glas vind ik nooit zo mooi, het glimt en als je museumglas gebruikt wordt het weer te mat. Dus ik gebruik voornamelijk olieverf voor mijn schilderijen, ik vind het trouwens ook fijner schilderen.

Heb je ook wel eens een dag  dat je geen zin hebt of geen inspiratie, een zogenaamde off-day?

Nee, eigenlijk niet, het is meestal andersom. Ik ben niet zo’n  tv kijker en als ik ‘s avonds dan lekker aan het schilderen ben, dan kan ik eigenlijk niet ophouden en dan moet m’n vrouw me af en toe  weer in de werkelijkheid terug halen. Volgens haar zou ik een kluizenaar geworden zijn als ik niet getrouwd was. Daar heeft ze ook wel een beetje gelijk in, ik ben geen echte mensenmens en kan me heel goed alleen vermaken. Ik ga ook heel graag alleen de natuur in, met de kano naar het Vogeleiland bijvoorbeeld.

Heeft het schilderen ook minder leuke kanten?

Bij ieder schilderij heb je wel eens een dieptepunt. Je hebt vaak een idee en je wilt beginnen, je gaat schetsen en dan weet je meestal ook welke kant je op wilt. Maar gedurende het proces raak je dus wel eens in een dipje, maar door durf en technieken te gebruiken krijg je de gang er wel weer in en dan is er vaak geen houden meer aan.

Als je bezig bent met een schilderij en je maakt een fout, hoe los je dat op?

Dan moet je er weer overheen schilderen,  soms moet je de kleur of de vorm veranderen. Als je realistisch schildert  zoals ik moet het ook kloppen, de verhoudingen moeten kloppen.

Het idee voor het schilderij waar ik nu mee bezig ben is in Zwolle ontstaan. Ik was daar, het had  geregend, het straatwerk glom, hier en daar lagen plasjes en ik zag daarin de spiegeling van de peperbus. Het straatwerk daar is geen gewoon straatwerk, het zijn geen klinkers en ook geen kinderkopjes, maar van die aparte keitjes. Dus het straatwerk was eigenlijk de aanleiding om te gaan schilderen. Ik wilde ook het sierwerk van de St. Michaelskerk er in meenemen en had alvast wat foto’s genomen. Ik had later nog meer detailfoto’s nodig en moest daarvoor een keer terug. Het was mooi weer en ik ging op de fiets, maar toen ik in Zwolle aankwam, was er kermis, alles was vol  en ik kon nergens bij om goede foto’s te maken. Ik moest toen onverrichter zake weer terug naar huis. Een paar weken later, de kermis was inmiddels afgelopen, ben ik weer terug gegaan, maar toen stond de kerk in de steigers, dus was ik weer voor niets gekomen.

Maar ik kan nog wel even verder met het schilderij en ga binnenkort nog wel weer een keer naar Zwolle. Het zal niet de laatste keer zijn, ik heb nog wel wat meer foto’s  nodig.

Het schilderij is nu nog bijna leeg, maar ik ben van plan een paar mensen op een terras te schilderen, misschien iemand met een kinderwagen en her en der wat duiven. Ik wil er wel wat leven in brengen, maar helemaal duidelijk heb ik het nog niet voor ogen.

Zit er wel eens een boodschap of een betekenis  in een schilderij?

Ja, dat gebeurt ook wel eens, bijvoorbeeld dit schilderij van Mozes. Ik had altijd moeite met het verhaal van Mozes, ik vond het allemaal heel oneerlijk.  Mozes moest met zijn volk weg uit Egypte en hij heeft het 40 jaar door de woestijn geleid om uiteindelijk bij het Beloofde Land aan te komen.

Omdat Mozes gezondigd had bij het oplossen van het drinkwaterprobleem, mocht hij het Beloofde Land wel zien, maar mocht er niet binnengaan. God had hem namelijk opgedragen tot de rots te spreken, maar Mozes sloeg met zijn staf op de rots. Daarom mocht hij het Beloofde Land alleen maar bekijken vanaf de berg Nebo.

Ik heb het verhaal ook nooit helemaal goed begrepen, maar op een gegeven moment was er een dominee, die de moraal van het verhaal heel goed heeft uitgelegd. Ondanks dat Mozes het Beloofde Land niet in mocht, had God een ander land voor hem, het ‘Hemelse Land’. Nou, daar kreeg ik dus weer inspiratie van en heb dit schilderij van Mozes gemaakt, die vanaf de berg Nebo uitkijkt over het Beloofde Land.

Wie kookt er bij jullie thuis?

Mijn vrouw, ik kan hooguit een eitje bakken  en heb ook wel eens aardappelen aan laten branden. Ik ben echt  geen kok. Oh ja, rijst kan ik ook wel koken, dat komt omdat ik dat heel graag lust waarschijnlijk.

Wat is je lievelingseten en wat lust je echt niet?

Zoals ik net al zei, rijst vind ik heel erg lekker, maar ook gewoon de Nederlandse keuken. In Peru bijvoorbeeld, daar aten ze cavia’s, maar die ga ik echt niet eten. Eieren eet ik ook eigenlijk niet, hooguit een gebakken eitje en trouwens ook geen kip, dus geen kip en geen ei.

Koffie of thee, wijn of bier?

Koffie. Ik ben ook geen echte bierdrinker maar ook geen wijndrinker. Mag Berenburg ook? Ik neem namelijk iedere avond een glaasje Berenburg, dat vind ik lekker.

Naar welke muziek luister je?

Dat is heel verschillend en ook heel breed, dat gaat van klassiek tot  pop. Ik vind klassieke muziek  wel fijn als ik aan het schilderen ben, maar ik luister ook wel graag naar de Beatles of Creedence Clearwater Revival.  Ik ben trouwens meer van de Beatles dan van de Rolling Stones, dat is toch een beetje ruiger.

Waar ga je  naar toe op vakantie?

Ik zou het liefste vanmiddag nog op vakantie gaan en dan ook nog zo ver mogelijk weg. Ik zou nog wel graag een keer naar Costa Rica willen, maar mijn vrouw is niet echt een vakantieganger.

In  Costa Rica zijn ontzettend veel vogelsoorten en je hebt natuurlijk het tropische regenwoud. Ik denk dat ik daar heel veel inspiratie kan opdoen. Die reis gaat er zeker nog een keer komen, ik ben gezond en zo lang het kan wil ik genieten.

Vorig jaar ben ik wel naar Suriname geweest met een jager. We gingen met indianen op pad, o.a. een paar dagen in Paramaribo en daarna zijn we  met kano’s verder de jungle ingetrokken, dat was best heel avontuurlijk.  

Op een gegeven moment zei de gids dat er piranha’s voorkwamen, maar dat we gerust konden gaan zwemmen. Piranha’s doen namelijk niks als ze geen bloed ruiken. Ik ben wel het water in gegaan, maar dicht bij de kant gebleven, zodat ik er snel weer uit kon, want voor hetzelfde geld trap je op iets scherps en bij het geringste druppeltje bloed komen die beesten op je af. ’s Avonds gingen we vissen en we vingen wel degelijk kleine piranha’s, die werden weer gebruikt om grotere vissen, o.a. meervallen te vangen.

En ik heb natuurlijk de pelgrimsroute naar Santiago de Compostella gelopen, dat vond ik ook fantastisch. In eerste instantie zou een vriend van mij meegaan, maar dat kon vanwege omstandigheden niet doorgaan, dus heb ik de hele afstand alleen gelopen.

Het was een pittige tocht, je hebt de normale route, maar ook de noordelijke route langs de kust, die door de uitlopers van de Pyreneeën gaat. Ik ben gestart in Biarritz en zo door Frankrijk langs de kust richting het Zuiden gegaan. Een prachtig en heel afwisselend landschap.

’s Morgens begin je met een eenvoudig ontbijt, je doet je rugzak om en gaat lopen. De route is heel goed aangegeven met schelpen. Ik heb geen slaapplaatsen gereserveerd van te voren, ik vond het wel een uitdaging om dat niet te doen en zag wel waar ik terecht zou komen. Het is altijd goed gegaan behalve in Bilbao. Ik had die dag samen met twee Spanjaarden gelopen en zij gingen in Bilbao gelijk door naar de slaapplaats. Ik wilde de kathedraal nog bekijken en moest daarvoor een behoorlijke omweg maken, want Bilbao is geen kleine stad. Toen ik bij de kathedraal aankwam was hij gesloten en moest ik die hele weg weer terug. Toen ik bij de herberg aankwam hing er een bordje op de deur met de tekst ‘completa’.

Dan word je niet heel blij, want het was die dag ook nog eens een pittige route geweest van zo’n 33 km. De volgende slaapplek was ongeveer 10 km verderop en daar ben ik samen met een andere pelgrim naar toe gelopen. Dan ben je wel toe aan een bed hoor!!

De galerie zit in een prachtig pand en je vertelde net al dat je moeder hier heeft gewoond. Kun je iets meer vertellen over het pand?

Het is één van de oudste huisjes van Genemuiden, zo niet het oudste huisje. Tijdens de stadsbrand in 1868 zijn er maar een paar huizen gespaard gebleven, waaronder dit huisje. Toen mijn moeder overleed heb ik mijn broers uitgekocht en het weer helemaal in oude stijl laten renoveren. Er bestonden nog foto’s van het pand zoals het er vroeger heeft uitgezien en zo is het ook weer nagemaakt. Het gips plafond is er uit gehaald en er kwamen prachtige oude balken tevoorschijn. Het achterste stukje, waar we nu zitten,  is later aangebouwd door de eigenaar die er voor mijn moeder woonde, het was een slaapkamertje.

Het is fijn om een eigen plekje te hebben. Vroeger exposeerde ik wel op verschillende plaatsen in het land, maar nu kan ik al m’n werken hier rustig laten hangen en lekker schilderen.

Je schildert zelf realistisch, vind je andere stijlen wel mooi?

Sommige stijlen zijn niet mijn ding, maar ik kan het wel waarderen. Ik zie ook wel als er emotie in een modern schilderij zit, want ondanks die emotie heeft de schilder wel de juiste techniek en verf gebruikt.  Het lijkt soms wel geklieder, maar dat is het dus niet en dat verschil kan ik wel zien en ook waarderen.

Kunstschilders zaten vroeger bijna altijd in hun atelier aan opdrachten te werken. In de tweede helft van de negentiende eeuw kwam daar verandering in en gingen er steeds meer schilders buiten schilderen. Zo ontstond er een nieuwe kunststroming, het impressionisme en waren daar opeens Van Gogh en Monet.

In hun schilderijen zie je dat wanneer  het licht verandert, ook de situatie, de schaduw en de kleuren veranderen. Van Gogh heeft dat echt wel gezien. Maar omdat de situatie snel verandert, moet je ook snel schilderen, hij had dus niet de tijd om gedetailleerd te schilderen en ontwikkelde een techniek om met streepjes, vegen  en kleuren snel te schilderen.

We wonen hier in een fantastisch mooie omgeving. Toen ik in Peru was zag je in een meer ‘buuzn’ groeien,  je rook ze ook en de herinnering zoals het hier vroeger was kwam gelijk terug. Helaas zijn de biezen hier bijna allemaal weg. De meningen zijn er wel over verdeeld, maar ik ben er van overtuigd dat dit komt omdat het water nu te schoon is. Biezen hebben aan de binnenkant een vliesje, dat fungeert als een soort filter, dat is eigenlijk ook hun functie. Maar omdat het water nu te schoon is vervalt die functie en verdwijnen de biezen, zo gaat dat in de natuur.

Maar daardoor is nu wel de zeearend terug. Omdat het water zo helder is kan hij goed zien waar de vis zit. Ik heb ze verschillende keren gezien, het zijn geweldige vogels. Ik heb een vergunning om op het eiland te komen, maar die is nu gewijzigd. Ik heb nu een vergunning met een plattegrond en op het gearceerde gedeelte mag ik niet komen, daar zit de zeearend.  Dat deed ik sowieso al niet, want ik wil de boel daar in geen geval verstoren.

Ik ga veel de natuur  in en maak veel voorstudies. Bijvoorbeeld de grutto zoals hij op dit schilderij staat, is niet werkelijk het plaatje dat ik zag. Het stukje land is vlak voor Zwartsluis en die boom, die staat is er al niet meer. De planten die op het schilderij staan, die groeien daar wel, maar niet op die plek, die heb ik er dus ook zelf zo ingezet. Die paal is een oude spoorbiels, die daar ook niet staat, die heb ik er ook neergezet met de grutto er boven op, die er ook niet was.

Ik heb de grutto eerst geschetst en van daaruit in deze pose op de paal gezet. Ik heb heel veel schetsboeken en maak studies van de dieren, kijk hier zie je een schets van een  baardmannetje, baardmannetjes zitten hier vlak in buurt hoor. Je moet ook een beetje weten waar de vogels zitten maar er ook gevoel  voor hebben. Ik denk ook dat ik meer zie dan de gemiddelde fietser of wandelaar.

Heb je zelf kunst thuis?

Ik heb boven een klein schilderijtje hangen en in de kamer hangt een stilleven van een bont  kruikje, een soort theekruikje met rode bessen  in een grove ruw houten lijst.

En ik heb een schilderij van Henk Slijper, dat hangt boven. Hij kwam een keer bij mij op bezoek en we zijn samen naar het Vogeleiland geweest, waar we hebben zitten schilderen. Dat was één van mijn mooiste dagen, samen iets doen met een andere schilder. Ik zag wel een beetje tegen de man op, want hij is best bekend en stond in allerlei bladen. Hij heeft daar een aquarelschilderij  gemaakt en dat later aan mij gestuurd. Dat is een heel waardevol schilderij voor mij!

Wat was het een leuk gesprek en wat kan Marinus boeiend vertellen over zijn passie het schilderen. Ik ben heel veel te weten gekomen over de denkwijze van een schilder, hoe een schilderij ontstaat, waar een schilder inspiratie door krijgt. Ik kijk nu zeker met andere ogen naar een schilderij en ben ook voornemens wat vaker naar musea te gaan.

We hadden nog wel uren door kunnen babbelen, maar dan was het wel een heel lang verhaal geworden. Het is ook wel jammer dat wij thuis ook maar een beperkt aantal muren hebben, anders zou ik er nog wel een paar schilderijen van Marinus bij kopen, of ik moet gewoon af en toe wisselen, dat kan natuurlijk ook.

Galerie ‘De Diek’ is iedere vrijdag en zaterdag geopend en het is echt de moeite waard om eens een kijkje te nemen en met Marinus zelf een praatje te maken. De koffie staat altijd klaar!

Gepubliceerd op donderdag 03-10-2019 door Aline Mateboer 1210 keer gelezen.



Weer Gaellemuun:

zo 13 okt 11° / 22°
6
ma 14 okt 10° / 17°
6
di 15 okt 14° / 18°
6
www.zwartewaterweer.nl

Advertenties:

Foto van de dag:

Advertenties: