MENU
Nieuws plaatsen

Nieuwstip: redactie@gaellemuun.nl |   WeTransfer |       


Zaterdag 23 oktober 2021 Interviews:


Robert Maas, huisarts uit roeping

Genemuiden - De huisarts heeft een hele belangrijke functie in de samenleving, hij is bekend met de meest gewone, maar ook ongewone kwalen van zijn patiënten, ziet niet alleen de fysieke, maar ook mentale problemen, intieme problemen, problemen in de relatiesfeer of zelfs financiële problemen die ziekte tot gevolg kunnen hebben, zijn hem niet vreemd. Geen van deze problemen mogen ooit op straat komen en mij lijkt het best moeilijk om sommige dingen voor je zelf te houden, want je mag hier zelfs niet eens met je partner over praten. 

Om het beroep van arts te kunnen uitoefenen moet men een eed afleggen. In 1878 werd er in Nederland een artseneed ingevoerd, die was gebaseerd op de eed van Hippocrates.

Nog steeds leggen medisch studenten een eed of gelofte af op het moment dat zij hun artsbevoegdheid krijgen.

Het verbod op euthanasie en abortus is niet meer in de nieuwe eed opgenomen. Uit de nieuwe eed blijkt respect van de medicus voor het leven, inclusief de dood, die naar de huidige maatstaven voor een arts eveneens deel uitmaakt van het menselijk bestaan. 

Ergo, een van onze huisartsen in Genemuiden  stond ook op mijn lijstje en wat ligt er dan meer voor de hand om mijn eigen huisarts eens aan de tand te voelen.

Er volgde een interessant, open en ontspannen gesprek. Lees maar eens mee. 

Kun je in het kort vertellen wat het beroep van huisarts inhoudt?

Als huisarts ben je eigenlijk het eerste aanspreekpunt voor gezondheidsvragen, het maakt niet uit wat het is. Soms komen hier mensen met lichamelijke klachten en als je dan een beetje doorvraagt, blijken de klachten voort te komen uit stress, bijvoorbeeld vanwege financiële problemen. Dan is dat eigenlijk het probleem en daar moet je dan mee helpen, mensen adviseren en ondersteunen. 

Je ziet natuurlijk zeer veel en diverse  klachten voorbij komen. Mensen denken meestal wel eerst zelf na en kijken of ze zelf iets kunnen doen en  ze googelen ook wel vaak. Op zich is daar niets mis mee, ik vind het eigenlijk wel prettig als mensen goed geïnformeerd zijn, je kunt daar dan op verder borduren. Maar er schuilt ook wel een addertje onder het gras, want je moet wel weten wat je zoekt en de vraag is maar of je uiteindelijk het juiste vindt, want je kunt snel  de weg kwijtraken. En er zijn  natuurlijk ook mensen die wel op internet hebben gezocht, maar er niet uitkomen en dan komen ze alsnog bij  mij met de vraag om verder te helpen. 

80% van de gevallen die je ziet zijn niet heel ingewikkeld, 20% zijn wel wat ingewikkelder, bijvoorbeeld complexe lichamelijke klachten of dat je zelf ook niet echt goed een diagnose kunt stellen en dan moet je echt doorzoeken en puzzelen.

Maar het is vooral de diversiteit van de klachten die je voorbij ziet komen, die het interessant maakt. 

Hoe zit een gemiddelde werkweek eruit?

Ik werk fulltime, heel veel huisartsen werken parttime omdat het natuurlijk wel een zwaar vak is, je krijgt veel problemen op je bordje. Ik werk maandag t/m vrijdag van 08.00 tot 17.00 uur en daarna moet je meestal nog wat administratie wegwerken. Dan ben je vaak nog een half uurtje of een uurtje langer bezig. Daarnaast hebben we ook diensten op de huisartsenpost, dat is één keer per anderhalve week. Aan uren kom je toch snel aan 60 uur in de week. En je hebt ook een keer avond- of een nachtdienst en ook weekenddiensten, maar dan ben je de volgende dag wel vrij.

Het zijn wel veel uren, maar ik  ervaar het niet als zwaar. 

Wat was je drijfveer om arts te worden?

Ik wilde eigenlijk altijd dierenarts worden, dat rook een beetje naar avontuur, zeg maar het dokter Pol gevoel. Maar toen ik in de laatste klas van het vwo zat, liet ik me wat meer voorlichten over de mogelijkheden en hoorde ik dat er  weinig werk  te vinden was en dat het naast heel hard werken was ook nog eens niet zo goed betaalde. Toen bedacht ik me dat ‘gewone’ geneeskunde ook wel heel leuk was, daar gaat het om mensen en dat is eigenlijk nog veel mooier. Zo ben ik er een beetje ingerold. 

Daarna heb je de keuze van huisarts gemaakt, vanwaar deze keuze?

Als je de opleiding tot basisarts gevolgd hebt, dan is het heel erg zoeken wat je precies wilt gaan doen. Toen ik afgestudeerd was wist ik het eigenlijk helemaal niet. Ik heb in een ziekenhuis gewerkt, op de longafdeling, op de neurologie en op de eerst hulp om te kijken of dat iets zou zijn wat bij mij past. Ik kwam er al heel gauw achter dat de ziekenhuiscultuur mij absoluut niet aanstond en daar in ieder geval niet wilde werken.

Ik ben me toen gaan oriënteren op het huisartsenvak en ik kwam erachter dat dat wel iets is wat bij mij past, wat meer vrijheid en de meer persoonlijke band met je patiënten. Ik heb nog nooit spijt gehad van mijn keuze. 

Hoe is je carrière verlopen en hoe lang ben je inmiddels huisarts?

Ik ben als basisarts afgestudeerd in 1996 en daarna heb ik in verschillende ziekenhuizen gewerkt, ik ben ook nog vrijwillig militair arts geweest en vloog bijvoorbeeld mee op een SAR helikopter, dat was wel heel leuk. Ik had vroeger ook nog stiekem de wens om F16 piloot te worden, ik hou van snelheid en avontuur, maar mijn ogen waren niet  goed genoeg en het is ook een heel zwaar en stressvol vak. Op basis daarvan ben ik bij de luchtmacht gaan werken, waar ik met F16-  en helikopterpiloten werkte. Daar ben ik ook een keer meegevlogen in zo’n duo seat F16, dat was echt geweldig om mee te maken. Al met al heb ik genoeg gezien en gedaan en in 2001 ben ik met de huisartsenopleiding begonnen. Dat duurt drie jaar en in 2003 ben ik afgestudeerd. Daarna heb ik een jaartje in een praktijk in IJsselmuiden gewerkt. Toen er een vacature in Genemuiden vrij kwam heb ik gesolliciteerd en zo ben ik hier terecht gekomen. Dat was in 2004.

Wat zijn de leuke kanten aan je werk en wat de minder leuke?

Het allerleukste vind ik dat iedere dag anders is, je weet nooit wat er die dag komt en wat er zich voor problemen gaan aandienen. Iedere dag komen er dingen voorbij die je niet verwacht of soms kun je bij een moeilijk probleem toch  een bepaalde diagnose stellen, of je hebt een heel mooi gesprek met iemand. Dat vind ik het allermooiste van het vak, het echte contact met mensen die tegenover je komen te zitten met hun problemen. 

De mindere kant is toch de tijdsdruk die er op staat. Soms heb ik het gevoel dat het alleen maar moeten is en ook de administratie is niet zo leuk. Maar in principe  valt het gelukkig nog wel mee, we hebben hier een goede manager, die  ons veel werk uit handen neemt. Maar het is dus vooral de tijdsdruk, die ik minder vind, alhoewel dat natuurlijk ook per dag verschilt. 

Neem je problemen mee naar huis?

Als ik zou zeggen: ‘Ik laat het helemaal los’, dat is niet zo, maar het is ook niet zo dat ik er last van heb. Soms denk je wel eens aan bepaalde gevallen, maar ik loop dan niet daarover te piekeren. Als ik in de auto stap  en naar huis rijd, kan ik de dingen meestal wel van me afzetten. 

Kun je een paar hoogtepunten uit je carrière noemen?

Als je begint met je studie geneeskunde, en dat hebben de meeste studenten, dan heb je bepaalde dromen. Bijvoorbeeld ‘Ik wil topchirurg worden’, maar als je dan ontdekt dat bijvoorbeeld het ‘simpele’ huisartsenvak zo goed bij je persoon past en je zelf daar helemaal in kunt vinden en je daar zo comfortabel bij voelt, dat is eigenlijk de grootste ontdekking c.q. hoogtepunt in m’n werk.

Het is prachtig als je de juiste plek gevonden heb. 

Ik ben na vijf jaar huisarts te zijn geweest, ook opleider geworden en dat vind ik wel heel erg mooi.

Mijn eerste huisarts in opleiding was dokter Jurriaans, Hij kwam als groentje binnen en ik heb hem het eerste jaar begeleid, dat is echt geweldig om te doen.

Om als opleider te kunnen werken heb je wel een speciale opleiding nodig. Je bent dan drie dagen intern en wordt getraind om als opleider te kunnen werken, want dat is toch weer een vak apart. 

Voor de rest moeten we iedere anderhalf à twee maanden ook terug naar de universiteit om zelf weer bij te leren, hoe begeleid je patiënten, wat zijn de nieuwe ontwikkelingen, etc. 

Tja en het werken bij defensie was ook wel een hoogtepunt en ook wel heel spannend. 

Heb je leuke anekdotes?

Ja er zijn natuurlijk wel heel veel anekdotes. Soms is het heel verrassend hoe ziektes kunnen gaan. Je komt bij iemand en gezien het ziektebeeld verwacht je dan dat het zo hard achteruit gaat dat die patiënt op korte termijn gaat sterven en vervolgens leeft diegene nog een jaar of twee jaar. Zo’n verrassende wending is dan wel heel bijzonder. 

Een minder leuk verhaal is dat ik een keer een melding tijdens een avonddienst kreeg over een man die het heel erg benauwd had en daar zo snel mogelijk naar toe moest. Daar aangekomen stond de deur op een kier en toen ik binnenkwam lag  de man dood op de bank. Ik ben toen gaan reanimeren en kon hem gelukkig terughalen, maar hij is later in het ziekenhuis toch overleden. Dan denk je dat je iemands leven hebt gered, maar het mocht dan uiteindelijk toch niet baten. 

Wat is de grootste uitdaging in je werk?

De allergrootste uitdaging is om precies op dat niveau te komen waar het probleem van de patiënt ligt, dat  je goed begrijpt waarvoor hij of zij komt, het op één lijn komen. Dat betekent niet dat je precies moet doen wat de patiënt wil, maar meer hoe kom je er nu precies achter waar de patiënt zorgen over heeft of waar hij of zij echt mee zit en daar de kern van raken, dat vind ik zelf de grootste uitdaging van het vak. Daar moet je echt wel in getraind zijn om dat goed te kunnen. De een heeft daar wel meer aanleg voor dan de ander. 

Heb je een rolmodel of een voorbeeld of iemand die je bijzonder respecteert?

Mijn eigen eerste opleider, Olof Schwantje huisarts in Zwolle. Van hem heb ik echt heel erg veel geleerd, echt ook de basis kneepjes van het vak. 

Met wie zou je een dagje willen ruilen?

Ik zou wel een dagje willen ruilen met onze minister-president. Ik denk dat het een ontzettend zwaar vak is, wat je allemaal over je heen krijgt en waar je mee geconfronteerd wordt. Wat mij bijzonder lijkt is wie en wat je allemaal tegenkomt en door wie je allemaal bijgepraat wordt, want hij heeft natuurlijk allerlei mensen om zich heen. En natuurlijk de machtspositie waar je in zit.

Maar echt maar één dag hoor, niet langer! 

Wat betekenen normen en waarden voor je?

Ja, een mens wordt natuurlijk opgevoed met normen en waarden. Ik kom zelf uit een heel christelijk gezin en die normen en waarden zitten gewoon in mij. Vroeger dacht ik wel eens wat heb je nu aan die normen en waarden, maar nu denk ik daar toch een tikkeltje anders over. Naarmate je wat ouder wordt begin je ook daar wat meer respect voor te krijgen. Normen en waarden zijn gewoon belangrijk in de samenleving, ze betekenen veel voor mij en ik probeer ze aan mijn eigen kinderen over te dragen.

Onze hele samenleving is toch wel doorspekt met normen en waarden. Ik vind dat je iedereen moet omarmen, ongeacht  of iemand anders denkt, gelooft, etc. Dat merk ik ook wel in m’n werk hier, ik kan nu veel beter begrijpen hoe mensen denken en ik kan me veel beter inleven. 

Vertel eens iets over je jeugd.

Ik ben geboren in Den Haag en toen ik 8 jaar was zijn we naar Zwolle verhuisd. Mijn vader was fysiotherapeut en kon in Zwolle een nieuwe praktijk openen en zo zijn we in Zwolle terecht  gekomen. In Zwolle ben ik opgegroeid en ik voel me meer Zwollenaar dan Hagenees, maar het grootste gedeelte van mijn familie woont nog wel in Den Haag en ik kom er regelmatig.

Ik ben de oudste van zes kinderen, ik scheel 17 jaar met mijn jongste zus. We hebben een hecht contact met elkaar en ik kom uit een harmonieus gezin. Mijn moeder is op jonge leeftijd overleden, ze was 54, dus dat is erg jong. Dat was ook eigenlijk de eerste grote ellende in ons gezin, mijn zusje was toen nog maar 14, dus dat was wel heftig. Het heeft ons ook wel een hele sterke band gegeven.

Ik heb een hele gewone jeugd gehad, eigenlijk zijn er geen bijzondere dingen gebeurd.

Als kind was ik heel rustig en ook wel voorzichtig. Dat had denk ik ook wel te maken met mijn opvoeding, want ik ben eigenlijk niet echt zo, ik ben wel iemand die op de voorgrond durft te staan en ben wel van avontuur en nieuwe dingen ontdekken. 

Welke scholen heb je bezocht?

De basisschool in Zwolle, gewoon vlak bij ons in buurt, daarna heb ik het VWO gedaan op het Carolus Clusius College. Ik ben begonnen op het gymnasium maar na vier jaar was ik wel klaar met het Grieks en Latijn en ben het VWO gaan doen, atheneum was dat toen. Maar ik had er wel profijt van dat ik een paar jaar die klassieke talen heb gehad, want in het artsenvak heb je toch wel veel met Latijnse namen te maken.

Daarna ben ik in Amsterdam geneeskunde gaan studeren aan de Vrije Universiteit, en de studie heb ik zonder noemenswaardigheden of vertraging doorlopen.

De basisstudie geneeskunde duurt zes jaar en daarna nog drie jaar huisartsopleiding. Als je bijvoorbeeld chirurg of internist wilt worden dan moet je nog vijf jaar. 

Huisarts is geen 9 -5 baan, wat doe je om te ontspannen?

Ik ben een echt gezinsmens, ik heb zelf ook 5 kinderen, dus net als mijn ouders heb ik een groot gezin. De jongste zoon is nog maar zeven maanden en ik vind het heerlijk om tijd met hem te besteden. Verder vind ik het heel leuk om uit eten te gaan met vrienden of ergens wat te drinken. En m’n auto’s vind ik ook heel leuk, het onderhoud en een beetje poetsen. 

Doe je aan sport?

Ja, ik squash iedere week, dat vind ik heel leuk om te doen. 

Heb je hobby’s?

Ik heb in het verleden vogeltjes gekweekt, suffe hobby hè? Huisarts is natuurlijk een generalistisch beroep en zo ben ik in het gewone leven ook, ik vind heel veel dingen leuk om te doen en ik verlies me niet helemaal in één  specifieke hobby. 

Wie kookt er bij jullie thuis?

Ik, altijd. Ik vind dat heel leuk en als we het over hobby’s hebben, dan zijn koken en bakken daar ook twee van, echt ontzettend leuk om te doen. Mijn vrouw vindt koken helemaal niks, dus dat is een goede rolverdeling. 

Wat is je lievelingseten en wat lust je helemaal niet?

Ik hou heel erg van de Oosterse keuken, ik vind sushi en Aziatische gerechten geweldig, dat zou ik wel iedere dag lusten. Sinds een paar jaar bestellen wij van die maaltijdboxen, het is echt aan te raden er zit alles in wat je nodig hebt en je hoeft verder helemaal niet na te denken. 

Wat ik echt verschrikkelijk vindt zijn spruitjes, die vind ik echt walgelijk. 

Drink je liever koffie of thee, bier of wijn?

Ik ben wel van de whisky. Ik heb met mezelf afgesproken dat ik door de week niet drink, maar in de weekenden lust ik heel graag een glaasje whisky, echt heerlijk. Ik ben geen echte kenner hoor, maar ik vind het wel heel leuk om ook verschillende soorten whisky te proeven, want er zijn zo gigantisch veel soorten.

En ik ben echt een koffiedrinker. 

Naar welke muziek luister je graag?

Ook hier ben ik een generalist, dus ik vind heel veel muziekgenres mooi. Ik heb 10 jaar lang een klassieke piano opleiding gehad en ik kan ook heel erg genieten van klassieke muziek. Maar ik ben eigenlijk toch wel het meest van de moderne muziek. In de auto luister ik graag naar dance- en trance muziek, met van die mooie ritmes. 

Waar ga je naar toe op vakantie en wat doe je graag tijdens vakantie?

Heerlijk naar de zon, daar hou ik van. Er moet ook wel wat te doen zijn anders verveel ik me snel. Twee jaar geleden zijn we bijvoorbeeld met het hele gezin naar Egypte geweest, een combinatie van zon en mooie dingen zien zoals de Vallei der Koningen, dat was prachtig. 

Waar maak je je zorgen om?

Ik maak met niet zo snel zorgen om iets, ik ben best een optimistisch en positief ingesteld mens. Niet echt een piekeraar en als ik me al ergens zorgen om zou moeten maken, dan zijn het m’n kinderen. Als ze bijvoorbeeld ziek zijn en het niet goed gaat met hen gaat, ja, daar maak ik me dan wel zorgen om. 

Wat vind je bijzonder aan de Gaellemunigers?

Het zijn hele directe en duidelijke mensen. Ik heb natuurlijk ook vlakbij  in IJsselmuiden gewerkt en die mensen zijn toch wat afwachtender en geslotener.

De daadkracht van de mensen vind ik ook prachtig, dat ondernemerschap. Soms merk je wel dat mensen in Genemuiden dingen toch wat bedekt en in de familie houden, maar als huisarts is het wel de kunst om daar een beetje doorheen te prikken en te luisteren en dan durven mensen toch vaak  heel veel te vertellen. Natuurlijk ook omdat ze weten dat het hier in deze kamer blijft. 

Wat ik ook heel mooi vind is dat de familiebanden hier ontzettend hecht zijn. Als je bijvoorbeeld ’s avonds bij een ernstig zieke patiënt bent en je zegt dat het verstandig zou zijn als er iemand die nacht bij hem of haar blijft, dan gebeurt dat gewoon dan hoef je daar niet verder over te discussiëren. Als zoiets in Amsterdam of zelfs in Zwolle gebeurt, dan wordt er al snel gezegd: ‘Nee sorry, dat kan niet want ik moet vanavond tennissen of ik heb een verjaardag’. 

Het is een mooie samenleving, om elkaar geven dat doet men ook echt hier. 

Wat ook nog even interessant is om te vertellen is dat, buiten het huisartsenwerk om, iedere huisarts hier een specialisatie heeft, dokter Van Dijk doet oogheelkunde, dokter Jurriaans heeft zich gespecialiseerd in het maken van echo’s en dokter Van de Belt, onze vrouwelijk huisarts, houdt zich bezig met gynaecologische klachten en ik doe o.a. sterilisaties bij mannen en sinds een half jaar doe ik ooglidcorrecties. Ik heb daarvoor een opleiding gevolgd bij een collega in Swifterbant, die dat al jaren doet. Ik zit er ook wel eens over na te denken om botox behandelingen te gaan doen, maar dat is voorlopig nog niet aan de orde, maar dat soort dingen vind ik heel erg leuk om te doen.  

Mijn moeder zegt iedere keer als dokter Maas bij haar op bezoek is geweest: ‘Wat is het toch een aardige man’ of  ‘Wat is het toch een fijne dokter’.

Ik kan dat alleen maar beamen!

Gepubliceerd op vrijdag 03-01-2020 door Aline Mateboer 8516 keer gelezen.



Weer Gaellemuun:

www.zwartewaterweer.nl

Advertenties:

Meest gelezen:

Foto van de dag:

Advertenties: